Naar de inhoud
OnlineRijles.nl

Rijles voorbereiden

Je eerste rijles voorbereiden: wat je kunt verwachten en wat je thuis al kunt doen

Zenuwachtig voor je eerste rijles? Zo verloopt hij, dit neem je mee, en dit kun je thuis al oefenen zodat je de eerste uren niet alleen maar aan het overleven bent.

4 min lezen · bijgewerkt

De eerste rijles is voor de meeste mensen spannender dan het examen. Je zit voor het eerst achter het stuur, een vreemde zit naast je, en alles wat je van de bijrijdersstoel zo makkelijk vond, blijkt ineens uit tien handelingen te bestaan. Het goede nieuws: je kunt een rijles voorbereiden, en wie dat doet, heeft er van de eerste minuut meer aan.

Zo verloopt een eerste rijles meestal

  1. Kennismaking en de auto. De instructeur haalt je op, jullie wisselen van plek op een rustige plek, en je stelt de stoel, de spiegels en de hoofdsteun af. Je krijgt uitleg over de pedalen, de versnellingspook en de richtingaanwijzer.
  2. Wegrijden en stoppen. Op een rustig industrieterrein of een brede woonwijk oefen je het koppelingspunt: gas, koppeling laten opkomen, rijden, stoppen. Dit gaat een paar keer mis en dat is de bedoeling.
  3. Sturen en een bocht. Rustig rechtdoor, een bocht naar rechts, een bocht naar links. Kijken waar je heen wilt, niet naar de stoeprand.
  4. Terug naar huis. Meestal rijdt de instructeur het laatste stuk zelf, of jij met veel hulp. Je krijgt te horen wat er de volgende les komt.

Wat er níét gebeurt: rotondes, snelweg, drukke kruispunten. Dat komt pas als de bediening een beetje zit. Maar juist dáár kun je thuis vast op voorsorteren.

Dit neem je mee

  • Een geldig legitimatiebewijs. De rijschool moet kunnen controleren wie je bent, en op de weg moet je je kunnen identificeren.
  • Je bril of lenzen, als je die nodig hebt. Wie een bril draagt op het examen, moet hem ook bij het rijden dragen; begin daar meteen mee.
  • Schoenen met een dunne, vlakke zool. Op slippers, hakken of dikke bergschoenen voel je de pedalen niet.
  • Een uitgeslapen hoofd. Een rijles na een nachtdienst of een kater is weggegooid geld.

Wat je thuis al kunt doen

De bediening van de auto oefen je niet thuis; dat is nu juist waarvoor je rijles neemt. Maar een groot deel van wat je in de eerste tien lessen leert, is helemaal geen bediening. Het is weten waar je moet kijken en wat je moet doen. En dat kun je wél voorbereiden.

1. Ken je plaats op de weg

In een woonstraat zonder middenstreep houd je zelf je weghelft aan: rechts van het midden, in één rustige lijn. Langs geparkeerde auto’s houd je een portierbreedte plus wat marge. Wie dit al weet, hoeft in de auto alleen nog te voelen hoeveel sturen dat is.

Oefen dit thuisEen dertigzone met geparkeerde auto’s aan beide kanten: één rustige lijn houden, ruim langs de portieren. Les: Plaats op de weg: rechte stukken →

2. Leer de kijkgewoonte vóór je ermee begint

Elke vijf à tien seconden een blik in je binnenspiegel, ver vooruitkijken, je ogen laten rondgaan. Instructeurs zeggen dit tot je er moe van wordt, omdat het de gewoonte is waar bijna iedereen op het examen op afgerekend wordt. Hoe eerder hij erin zit, hoe minder je hem hoeft af te leren.

3. Weet wat twee seconden afstand is

Afstand houden is geen aantal meters maar een tijd: kies een vast punt langs de weg, en tel "een-en-twintig, twee-en-twintig" nadat je voorligger het passeert. Dat kun je als bijrijder al oefenen, en in de simulator op een tachtigweg.

Oefen dit thuisTwee seconden tellen bij een vast punt langs de weg, op een tachtigweg achter een voorligger. Les: Volgafstand →

4. Herken een gelijkwaardig kruispunt

Geen borden, geen haaientanden, geen stopstreep: dan gaat bestuurder van rechts voor. Het is de eerste voorrangsregel die je in de auto tegenkomt, meestal al in les drie of vier. Wie hem thuis al herkent, kan in de auto oefenen met het stoppen in plaats van met het nadenken.

Oefen dit thuisGeen borden, geen tanden: die van rechts gaat voor. Kijk rechts, vooruit, links en vlak vóór het oversteken nog één keer rechts. Les: Gelijkwaardig kruispunt →

Zenuwen zijn normaal

Bijna iedereen is nerveus voor de eerste rijles, en instructeurs weten dat. Een paar dingen helpen: eet iets van tevoren, wees op tijd, en zeg gewoon dat je zenuwachtig bent. Wat ook helpt: hoe minder nieuw alles is, hoe minder er is om zenuwachtig over te zijn. Als je al weet wat een kijkset is en waarom je die doet, klinkt de instructeur al bij de eerste les bekend in plaats van overweldigend.

Na de eerste les

Vraag aan het eind van elke les wat er de volgende keer komt, en oefen die situatie thuis. Rotondes, kruispunten met haaientanden, rechts afslaan met een fietser naast je: het zit allemaal in de 34 lessen van de simulator, met per les uitleg, een demo en een beoordeling. Zo bereid je niet alleen je eerste rijles voor, maar elke rijles daarna. Meer daarover in rijles oefenen zonder auto.

Veelgestelde vragen

Wat moet ik meenemen naar mijn eerste rijles?

Een geldig legitimatiebewijs (ID-kaart of paspoort) en, als je ze draagt, je bril of lenzen. Comfortabele schoenen met een dunne zool waarmee je de pedalen goed voelt. Meer niet.

Hoe lang duurt een eerste rijles?

Meestal 60 minuten, soms 90 of 100 minuten, afhankelijk van de rijschool. Bij een eerste les gaat een deel van de tijd op aan uitleg over de auto en de pedalen.

Moet ik mijn theorie al hebben vóór mijn eerste rijles?

Nee. Je mag rijlessen nemen zonder theoriecertificaat. Voor het praktijkexamen moet je theorie wél gehaald zijn, en de meeste rijscholen raden aan er vroeg mee te beginnen zodat de regels in de auto al bekend voelen.

Wat als ik afsla of iets fout doe?

Dat gebeurt iedereen, en de instructeur heeft een eigen rem en vaak een eigen koppeling. Afslaan is geen fout maar een leerstap. Niemand verwacht op de eerste les een vloeiende rit.

Oefen dit in de simulator

Rijles oefenen zonder auto

34 lessen in een Nederlandse rijlessimulator, 30 dagen lang, zo vaak als je wilt, voor € 25,00. Geen abonnement.

Bestel nu voor € 25,00